Borssele blijft jaren afhankelijk van Russisch uranium, kabinet doet niets
In dit artikel:
De kerncentrale in Borssele blijft op korte en middellange termijn afhankelijk van uraniumverwerking die via Rusland loopt. Staatssecretaris Jo-Annes de Bat (CDA) kon de Tweede Kamer dinsdag geen garanties geven dat het kabinet de banden met het Russische staatsbedrijf Rosatom kan verbreken; concrete maatregelen ontbraken.
EPZ sloot in 2019 een meerjarige overeenkomst met het Franse Framatome voor de behandeling van gebruikte splijtstof. Framatome laat het verrijken van uranium door een Rosatom-dochter uitvoeren; dat proces vindt ongeveer elke vier jaar plaats en de volgende levering is gepland rond 2028–2029. Het contract loopt in de tientallen miljoenen euro’s en er zijn wereldwijd nog geen volwaardige alternatieven.
Die afhankelijkheid botst met het kabinetdoel om Borssele open te houden om Nederlandse energiezekerheid te vergroten. Kamerlid Van Oosterhout vroeg of het vermogen open te houden niet indirect de Russische staatskas en daarmee de oorlog in Oekraïne ondersteunt. Kennisinstituut Laka waarschuwt bovendien dat het afsnijden van de Rusland-route een praktisch probleem oplevert: zonder die verwerkingsroute heeft EPZ geen opslag- of verwerkingsbestemming voor gebruikte splijtstof, wat de bedrijfsvoering direct zou lamleggen.
D66’er Felix Klos diende een motie in om de afhankelijkheid zo snel mogelijk te beëindigen en de Kamer uiterlijk eind 2027 over de voortgang te informeren. De Bat stelde als voorwaarde dat er eerst een alternatief moet bestaan vóór een investeringsbeslissing in 2029; ontbreekt dat, dan weegt het kabinet hergebruik tegen de afhankelijkheid af. Concrete stappen om de keten snel te ontkoppelen werden niet aangekondigd.