Coronacommissie worstelt met Rutte, maar legt wel dilemma bloot

zaterdag, 13 juni 2026 (05:43) - NU.nl

In dit artikel:

Na ruim twee weken openbare verhoren heeft de parlementaire commissie nog weinig fundamenteel nieuws boven water gekregen over de coronabesluitvorming. De eerste sessies richtten zich vooral op het prille begin van de crisis en de crisisorganisatie, waardoor ingrijpende maatregelen zoals avondklok en coronapas later uitgebreider aan de orde komen. De commissie, relatief onervaren — drie van de vijf leden kwamen pas na de laatste Kamerverkiezingen binnen — worstelt zichtbaar tegen ervaren spelers als oud-premier Mark Rutte en oud-OMT-voorzitter Jaap van Dissel.

Rutte verscheen ontspannen en gaf toe dat het kabinet geen foutloos beleid voerde, maar ontwijkte regelmatig concrete antwoorden. Van Dissel nam vorige week veel van het woord en ging zelfs in tegen stellingen van de commissie, onder meer over het mondkapjesbeleid. Beiden erkenden wel dat de vroege fase van de pandemie primair draaide om virusbestrijding: maatschappelijke consequenties op langere termijn kregen aanvankelijk minder aandacht — iets wat volgens Van Dissel deels voortvloeide uit de opdracht van het OMT zelf.

Een centraal thema dat uit de verhoren naar voren komt, is het morele en politieke dilemma tussen het voorkomen van directe sterfte en het beperken van langdurige maatschappelijke en mentale schade. Code zwart — de situatie dat niet alle ernstig zieke patiënten op de intensive care geholpen kunnen worden — stond in het begin van de pandemie meerdere malen dreigend op de agenda. Dat maakte voor het kabinet de druk om acute schade te vermijden tot een rode lijn. Tegelijkertijd duikelde de mentale gezondheid van jongeren, werden scholen langdurig gesloten en voltrok zich volgens de Onderzoeksraad voor Veiligheid in verpleeghuizen een “stille ramp”.

Om die langere-termijnschade in beeld te brengen, werd Mark Roscam Abbing aangesteld als directeur van het programmadirectoraat Samenleving en COVID-19. Zijn taak was informatie verzamelen over sociale effecten en daarover adviseren, maar uit de verhoren blijkt dat zijn adviezen niet altijd welkom waren bij sommige ministers — onder wie Hugo de Jonge en Ferd Grapperhaus.

De commissie mist nog belangrijke puzzelstukjes over hoe besluiten precies tot stand kwamen. Veel overleg tussen Rutte, betrokken ministers en crisismanagers vond informeel plaats in het Catshuis of het Torentje; van die sessies bestaan geen notulen, wat de commissie frustreert. Er blijven vragen of die informele bijeenkomsten echt bedoeld waren om ruimhartig maatschappelijke aspecten te bespreken of juist om al genomen besluiten te consolideren.

De onderzoeksfase is nog niet voorbij: Rutte en Van Dissel moeten opnieuw verschijnen en meerdere oud-ministers staan gepland voor verhoren. Volgende week spreekt de commissie onder anderen met intensivist Diederik Gommers om dieper in te gaan op de impact op de zorg. De lopende reconstructie moet duidelijker maken welke afwegingen zijn gemaakt en welke lessen daaruit volgen.