Kabinet wil sneller ongewenste vreemdelingen uitzetten
In dit artikel:
Minister Hugo van den Brink (Asiel en Migratie) heeft bij de Tweede Kamer een wijziging van de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring ingediend om het instrument van de ongewenstverklaring ruimhartiger te kunnen gebruiken. De maatregel, onderdeel van een breder pakket nadat de Asielnoodmaatregelenwet in de Eerste Kamer strandde, maakt het eenvoudiger om buitenlanders zonder verblijfsrecht—ook personen die onder de Europese Terugkeerrichtlijn vallen, zoals afgewezen asielzoekers—direct te laten vertrekken en een verbod op terugkeer op te leggen.
Wie ondanks zo’n besluit in Nederland blijft, maakt zich schuldig aan een strafbaar feit; het kabinet wil bovendien strengere straffen mogelijk maken, waaronder onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Ook wordt het combineren van een ongewenstverklaring met een inreisverbod mogelijk, zodat meerdere juridische middelen tegelijk kunnen worden ingezet om vertrek af te dwingen.
Volgens Van den Brink vergroot deze wijziging de handhaafbaarheid van terugkeer en helpt zij overlastgevers en misdrijfplegers aan te pakken. De Tweede Kamer moet zich nu over de nota van wijziging buigen.